Archief / Contact

Heerlijke zondag

Misschien wordt dit wel de mooiste zondag van het jaar. En dat wordt het, omdat er vandaag niets speciaals is gebeurd, en ook niet meer zal gebeuren. Eigenlijk is het een zondag als alle andere zondagen met goed weer en koude in de lucht. Precies daarom is het zo’n mooie dag. Het begon al goed:  

De bomen in mijn straat waren al ietsje verkleurd en stonden te stralen in het zonlicht.Vanmorgen vroeg heb ik alle ramen van het huis opengezet, om de frisheid van de lucht zo ver mogelijk te laten doordringen in alles wat hier aanwezig is.

Van de pakken suiker in de kast, tot de diepste vezels van de wollen dekbedden in de slaapkamer, alles moest het raken. Ik dronk zoete thee en las een boek, genoot van niets in het bijzonder en daarom zo intens.   

Strakjes stap ik in de trein richting het strand. En het klopt dat de middag zich al loom uitgestrekt heeft, en zich al bijna omdraait. Het einde van het licht is zelfs al voelbaar, maar dat geeft niet. Vandaag schept de tijd een weldadige ruimte die op andere dagen niet voor mogelijk te houden is. Zo’n zondag is het nu eenmaal.

In mijn tas stop ik straks een fleece deken, een paar flesjes met drinken, een schetsboekje en iets te eten voor onderweg. Ik heb alles al klaar gelegd, maar eerst schrijf ik nog dit stukje tekst. Zo direct als mijn tas gepakt is, dan fiets ik naar het station en laat me vanaf daar naar de kust brengen.

En halverwege, daar wacht goed gezelschap.

Zondag 27 September 2009 | Eén reactie

Tussentijds weerzien

Al vanaf een afstand zag ik je staan. Bij het geldwisselkantoor, op de plek waar we vroeger ook altijd met elkaar afspraken. Die keren dat ik naar jouw stad kwam, ver van de mijne. Ja, hier wachtte je op mijn loze beloften. Hier wilde ik nooit iets beloven, maar deed ik het toch.

In al die jaren was je nog helemaal niets veranderd. Veel mensen verouderen snel. Bij hen telt ieder jaar dubbel, maar niet bij jou. Jouw tijd is traag. Je was nog steeds perfect. Precies zoals ik je achtergelaten had. Ik had je nooit zo mogen achterlaten. En ook jij, jij had het niet van me mogen verlangen dat ik je achterliet.

Maar dat was toen, dit was nu.

Nog tien meter, hooguit vijftien stappen, en ik zou voor je staan. Ook jij had mij al gezien. Je rechtte je rug. Toch probeerde ik je blik tot het uiterste te vermijden. Ik was bang voor de oordelen die er uit spraken. Ze beschuldigden me van iedere denkbare zonde en veroordeelden me tot het allerergste. Dat wist ik zeker, en ik keek niet eens.   

Reclameborden, tientallen forenzen, koffiebekers-met-deksels, een schoonmaakwagentje, duiven op de spanten hoog boven onze hoofden, vuil tussen de voegen van de vloertegels, geluiden van verkeer in de verte, de afgesleten neuzen van mijn schoenen, de tijd om mijn pols, de...

Ineens was ik bij je. Veel dichterbij zelfs dan ik vooraf gepland had. Alsof er niets veranderd was sloeg je jouw armen om mijn nek en drukte een warme kus tegen mijn voorhoofd. Je moest er écht voor op je tenen gaan staan. Vroeger zou je mijn mond gezocht hebben. Vroeger was alles makkelijker.

Direct maakte je je weer van me los. Je informeerde naar niets, terwijl er jaren tussen ons lagen, maar je greep mijn hand. Je draaide je om en sleepte me mee de menigte in. Half richting mij en half richting de rest van de wereld zei je: "Kom mee!" En we gingen.

Donderdag 24 September 2009 | Geen reacties

Goedkope metaforen, deel twee

Omdat de dure waardeloos zijn.

Ze zijn lichtzinnig -heel lichtzinnig- die gedachten van mij, de laatste dagen. Het komt omdat ik me zo licht voel als een veertje. En nu zijn ook mijn gedachten licht.

Zelfs al zou ik ze uit alle macht proberen te verzwaren, met mijn volle gewicht desnoods, ze stijgen op. Er is geen houden meer aan, met die gedachten van mij.

Onherroepelijk, als felkleurige ballonnen gevuld met helium naar een hemel zo blauw dat het pijn doet, zo stijgen mijn gedachten. 

"Somebody used my mouth and laughed out loud" (Joe Henry)

Maandag 21 September 2009 | Geen reacties

Abstracte aantekeningen voor mijzelf

Over mijzelf.

Het zijn bijzondere tijden. Dus E., het is tijd om eens orde op zaken te stellen -wat je ook doet- denk onder andere hieraan: Het is niet zo dat alles verandert, of al veranderd is, ook al verlang je dat of lijkt dat soms zo. En mocht zoiets abstracts als verandering toch plaatsvinden, dan gaat dat bijna altijd onmerkbaar geleidelijk of bewust heel erg langzaam.

Daarnaast hebben gewone levens zelden onverwachte kanten. En laat ik eerlijk zijn; ik leid een heel gewoon leven. Wat echter altijd aanwezig zal blijven -als een zoemend geluid op de achtergrond- is het naïeve verlangen tóch bijzonder te willen zijn. Het hoort bij het leiden van een heel gewoon leven, als slijpen bij potloden.

Een potlood kun je onbewust blijven slijpen tot je de constatering doet dat er plots geen potlood meer over is om te slijpen, en daar dan oprecht verbaasd over zijn. Zo gaat dat ook met verandering en het verlangen ernaar. Zo heeft alles een reden en een doel en een pad daar naartoe, maar is het tegelijkertijd onmogelijk om vooraf een route of een doel vast te stellen, laat staan een reden. Wie alleen maar slijpt zal nooit tekenen.

Een heel interessante gedachte die bevestigt wat iedereen zou moeten weten, want je moet niet alles willen weten. Wat bijzonder is voor gewone mensen met een heel gewoon leven, zal naar absolute maatstaven dus absoluut niet bijzonder zijn. Zo werkt het twee kanten op en vormt een lucide toestand. Bijzonder is niet meer bijzonder en gewoon is niet meer gewoon. Er schuilt een heel subtiele schoonheid in die toestand van zijn. Je moet het alleen zien.     

Wanneer je bijvoorbeeld op een ochtend door de stralende zon -met herfstkoude in de lucht en nog slaperig- naar de halte van de metro loopt, je volledig bewust van het daar en dan. Van een heden dat tintelt van een nog onbekend doel, met een nog onbekende reden, een nog onbekend pad daar naartoe en van een wonderschoon meisje met rode haren, denk hier dan nog eens aan, E. Denk hier aan en kijk!

Donderdag 17 September 2009 | Eén reactie

Bericht uit de lappenmand

Dat mijn huidige toestand iets met Mexicanen of griep te maken heeft, dat betwijfel ik ten zeerste. Mensen lijken door één mediageniek virus snel te zijn vergeten dat er ook nog honderd-en-één andere virussen rondzwerven. Ze kunnen je binnen een dag als een machteloos schaap op de slachtbank neerleggen, en je vervolgens slachten met een bot (brood)mes. De rotzakken. 

Maar nee, ik heb zéker niet de Mexicaanse griep. Ik heb een doodordinaire, maar zware verkoudheid te pakken. Als ik straks weer helemaal op de been ben, dan kan ik dus nog steeds nergens over meepraten. Ondanks dat ik gisteren de hele dag op m'n bed en op m'n bank heb gelegen, en vooral veel heb geslapen. Zoals dat hoort als je echt ziek bent. Het gevolg is dat ik vandaag zo ontzettend uitgerust ben, dat slapen er voorlopig niet in zit, dat voel ik gewoon.

Ik wil nu gewoon dingen gaan doen, maakt niet uit wat; iets! Maar oh ja, ik heb nog steeds last van een zware hoofdpijn, ik hoest met enige regelmaat zo pijnlijk dat mijn hele bewustzijn zich lijkt te concentreren op het gebied rond mijn keel en ja, dan is er nog een lichte koorts die mij steeds doet besluiten dan weer méér kleren aan te trekken, en dan weer minder. Om gek van te worden.

Het wordt pas helemaal erg nu ik me bedenk dat ik dit tijdelijk-even-wat-minder-functionerende-lichaam zo direct naar de supermarkt moet slepen voor het aanschaffen van de nodige foerage. D'r is namelijk niets nuttigs meer in huis, althans voor de maatstaven van mijn verkoudheid dan. Die blijkt zo haar eigen eetgewoontes te hebben, en keurt het meeste voedsel waar ik normaal zo van kan genieten nog niet eens een blik waardig. En dus moet er ander voedsel komen.

Heb ik weer; een verkoudheid met sterallures.

Ondanks dat ik dus zo graag iets wil gaan doen, zie ik er nu enorm tegenop om ook daadwerkelijk iets te gaan doen. Dergelijke tegenstrijdigheden kenmerken dat hele ziek zijn altijd. Wel willen, maar eigenlijk niet kunnen; ik haat dat. Ik hou van helder en duidelijk en snel, niet van traag en vaag en mistig alsof ik vast ben komen te zitten in een hele grote zak met watten. Potverdikke, wat-voel-ik-mij-zielig-zeg. 

[Excuus voor eventueel brak/foutief taalgebruik; ik ben mijzelf niet, ziet u.]

Vrijdag 11 September 2009 | Eén reactie

Zo'n dag die je dwingt tot zelfreflectie

1. Afgelopen week was ik jarig. En hoe: Ik ben moeiteloos weer een heel jaar ouder geworden, alsof het niets is! Ik begin er onderhand goed in te worden, dat jaren ouder worden, maar zo'n dag dwingt je ongemerkt wel tot zelfreflectie.

Binnenkort zal ik me dus maar eens gaan verdiepen in het rekken van de tijd, want sommige dagen/weken/maanden/jaren zijn écht te kort naar mijn smaak. 

Dat neemt niet weg dat het een fantastisch jaar is geweest. Een jaar van goede gezondheid, goed gezelschap, goed gelukte projecten en vooral heel veel leuke dingen. De ambitie tot het prolongeren van de bovengenoemde gelukzaligheid is in ieder geval ruimschoots aanwezig.

2. Mijn verjaardag is traditioneel een van de eerste echte herfstdagen van het seizoen, want op mijn verjaardag komen allerlei gasten voor het eerst weer bij elkaar: wind, koude, regen, onweer en vele tinten grijs. In de afgelopen jaren is dat verworden tot een patroon waarop je blindelings kunt vertrouwen. Het stormt altijd op de dag dat ik ben geboren.

3. Herfst en strandwandelingen horen bij elkaar. Sommige mensen liggen in de zomer graag te verbranden aan de Hollandse kust, ik wandel liever langs diezelfde kust als het stormt. Eigenlijk wandel ik niet vaak genoeg op het strand; ik doe het zelden. Het zou goed voor me zijn om vaker op het strand te gaan wandelen dit jaar, want leuke dingen kun je niet vaak genoeg doen. Zo is dat met alles, dus laat ik beginnen met vaker wandelen langs het strand.

4. Of ik nog prangende wensen heb voor mijn komende levensjaar? Nee, eigenlijk niet. Het zou onrealistisch zijn om alleen het positieve te verwachten en te verlangen, om nog net niet te zeggen: naïef. Laat het komende jaar dus maar gewoon gebeuren, dan zien we wel. Eigenlijk vind ik alles best, grote plannen heb ik niet; het lot en het toeval mogen strijd met elkaar leveren.

De winnaar zal mij leiden.

Zaterdag 05 September 2009 | Eén reactie